Laat ik mij even voorstellen: Mijn naam is Jack Brutschin.

Ik ben natuurlijk veel meer dan alleen mijn firma. Daarom een klein beetje achtergrond informatie.

Zakelijk:

Om op zakelijk gebied een idee van mij te krijgen, verwijs ik naar mijn LINKEDIN profiel. In het kort komt het erop neer dat ik commerciĆ«le opleiding aan de HEAO te Amsterdam gedaan heb en dat ik daarnaast ook nog bedrijfskunde op de VU in Amsterdam gestudeerd heb. Ik heb in mijn leven veel in de verkoop gezeten, maar het meest gelukkige word ik toch wel als ik met mijn bedrijf “Pawo Skyting” aan de slag mag gaan. Ik word gelukkig van de wind!.

Prive:

Ik ben met een waanzinnig leuke en lieve vrouw (Tsjitske) getrouwd en heb het geluk dat ik twee inspirerende en gezonde kinderen heb, Kika en Boaz. We leven in het hart van Amsterdam en we zijn erg blij om in ons huis ter grootte van een postzegel te wonen.

Passie:

Ik schreef het al eerder, ik word gelukkig van de wind. Ik mag spelen met vliegers, ik werk met grote groepen mensen en ik mag mijn plezier voor wat ik doe aan deze mensen doorgeven. Op dat gebied voel ik mij een bevoorrecht mens.

In mei 1997 begon ik met Pawo. Eerlijk gezegd wist ik niet zo goed wat ik precies wilde en ik had de mogelijkheid om voor mezelf te starten. Een vriend nam mij een keer mee naar het strand en heeft mij toen laten kennismaken met de krachten die vrijkomen met vliegeren. Ik was op slag verliefd. Ik werd hier erg gelukkig van. En als ik dat kon worden, dan was dit zeker ook voor anderen mogelijk. De geboorte van Pawo was een feit.

Pawo is oorspronkelijk de naam van de firma van mijn vader. Ik heb er alleen een andere betekenis aan gegeven.

Ik wil in mijn werk Plezier, Avontuur, Wensen en Ontspanning tegenkomen. Maar tegelijkertijd zal daarbij ook Paniek, Angst, Woede en Onmacht gevoeld worden. Ik nam mij voor om dit als leidraad in mijn werk te willen voelen. Ik had mijn ‘missie’ gevonden.

 

 

 

Zo gezegd, zo gedaan. Ik begon met het organiseren van teambuilding workshops en het vliegeren met “powerkites”. Dit zijn vliegers die gemiddeld een trekkracht van 200 kg produceren. Met andere woorden, je wordt letterlijk over het strand heen gesleurd.

Hoewel de vliegermarkt volledig ‘op z’n gat’ lag, begon mijn evenementen bureau al snel te groeien.

 

 

 

In 1998 zag ik een foto in een magazine staan; een man op een surfboard met een vlieger in z’n handen. Ik wist op slag dat dit een succes zou gaan worden. Ik moest en zou zo’n vlieger bemachtigen.

Enkele weken later zat ik in Parijs en kwam in gesprek met Bruno van Wipika. En voor ik het wist, was ik plots importeur van deze ‘water herstartbare vliegers” geworden. De start van een nieuwe sport in Nederland. We noemden het toen nog ‘hydroskyting’ en daar heeft de Telegraaf toen ook nog uitvoerig verslag over gedaan.

Niemand geloofde ook maar dat dit een goede sport zou kunnen worden. Ik ben in het totaal 3 jaar lang door bijna iedereen uitgelachen. Iedereen die ons zag ploeteren (de kennis van deze sport was toen nog zeer beperkt en de materialen waren nog niet optimaal) stond met de armen over elkaar te kijken. “Interessant, maar het is behelpen” is wat ik continu om mij heen hoorde.

Wij hebben aan de basis gestaan van de Nederlandse kitesurfbond, we hebben het eerste Nederlandse NK georganiseerd….ga zo maar door. In die tijd ben ik in vele televisieprogramma’s geweest en bijna elk gerenomeerd magazine, inclusief de Playboy, heeft over deze nieuwe rage in Nederland verslag uitgebracht.

Toen in 2001 Robbie Nash naar Nederland kwam, toen ontplofte de kitesurfmarkt en is uitgegroeid tot wat het nu is.

Het succes werd mij te groot en heeft mij zakelijk toen bijna de kop gekost. Ik moest stoppen met deze sport.

 

 

 

Het liedje van Herman Brood, “Als je wint, dan heb je vrienden”, is in 2001 heel erg vaak door mijn hoofd gegaan. Ik ging bijna failliet en dan blijkt plots hoe leeg de zogenaamde vriendschappen zijn. Ik stond er alleen voor. Ik had alles verloren wat ik in de afgelopen jaren had verdiend.

Op een leuke avond met enkele echte vrienden kreeg ik het plots weer in mijn bol. Ik ga reuzenvliegers bouwen.

De volgende dag begon ik daar direct aan. En wederom was er een nieuwe gekte in mijn hoofd gestart. Iets wat als onmogelijk geacht werd, heb ik toch gerealiseerd; geplakte vliegers die door groepen mensen gemaakt worden, modulair aan elkaar koppelen. Het resultaat: een mega vlieger oftewel een reuzenvlieger.

Wereldwijd werd dit nog niet toegepast. Ook dat is inmiddels al vele malen gekopieerd, want het was/is een groot succes. En dat doe ik op dit moment nog altijd.

 

In 2007 kreeg ik wederom een gek idee. Waarom zou het niet mogelijk zijn om van een normale boodschappentas snel en eenvoudig een vliegertje te kunnen maken?

Ik heb letterlijk een stapel tassen bij de AH gekocht en ben maanden bezig geweest om iets te ontwikkelen dat in 90 seconden deze tas omtovert tot een vliegertje. Dit moet uiteraard zonder schaar gebeuren.

En dat is geluk!. Een gepatenteerd idee en dit werd direct een instant succes. 1 week nadat ik het concept had beschermd werden er hier direct 800.000 stuks aan Dirk van den Broek verkocht.